Emigrantenleed

Omhoog
Parenteel
1859
1860
1861

    

 

                                                                                Brieven van Lambert van Groningen uit Zuid Afrika

                                                                                                                                                                                                                               laatste wijziging  maandag 21 januari 2013

Lambert van Groningen, de overgrootvader van mijn nicht Loes Arentsen - van Groningen, is in 1858 timmerman te Amsterdam. Hij is een zoon van Philippus van Groningen (1794-1851) en Alida Margaretha Liera, die in 1835 (tot 1843?)  koornmolenaar was op de molen "De Hond", gelegen aan de Schans bij de Muiderpoort. Hier is een tekening uit 1765 te zien waarop de Schans én de molen 'De Hond' zijn afgebeeld. In 1662 werd korenmolen ‘De Drie Prinsen’, later ‘De Hond’, gebouwd. Deze brandde door blikseminslag af op 10 augustus 1843 en werd in 1845-1846 herbouwd. In 1863 is de molen gesloopt.

Lambert heeft vanwege de grote werkloosheid in Amsterdam besloten om, op 36-jarige leeftijd, naar Zuid Afrika te gaan om te proberen daar een nieuw bestaan op te bouwen. Zijn vrouw Maria Josina Stas en hun twee kinderen, Rieka van 9 en Philip van 7,  blijven in Amsterdam achter om hem te volgen zodra hij voldoende inkomen heeft. Op 20 april 1858 vertrekt hij uit Amsterdam.

De brieven die hij tijdens zijn 77-dagen durende reis en gedurende zijn verblijf in Zuid Afrika aan zijn vrouw schreef zijn in deze en volgende pagina's opgenomen (Han Arentsen, de man van nicht Loes, heeft de transcriptie van de brieven verzorgd).  Ze geven een inzicht in de moeilijke omstandigheden waarin deze diep gelovige man terecht kwam. Hij overleeft zijn zoektocht naar een betere toekomst voor zijn gezin helaas niet en overlijdt, ruim drie jaar na zijn vertrek uit Amsterdam, in 1861 in Swellendam, Zuid Afrika.

Onderstaand document behoort tot de huwelijksbijlagen bij het huwelijk van zijn dochter Hendrika Charlotta van Groningen  (in de brieven wordt zij Rieka genoemd) in 1870. Omdat Lambert zich niet heeft gemeld (kan melden) om toestemming te verlenen tot dat huwelijk, wordt door de rechtbank een akte opgesteld waarin zijn afwezigheid verklaard wordt.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Nieuwe diep den 20ste April 1858

 Geliefde Vrouw                 

Hartelijk wenschende dat U dezes in gezondheid moogt ontvangen. Zoo is dezes dienende om Uberigten, dat ik met genoegen U brief ontvangen heb precies nadat ik alhier gearriveerd was daar wij, gelijk U weet Vrijdag aan boord moesten zijn, hebben wij Zaterdag middag om 4 uur verhaald buiten de Willemssluis en zijn Zondag Ochtend ten 7 uur voor de lijn gegaan, wordende getrokken door 11 paarden naar Purmerend doorgehaald zijnde arriveerde wij ten 4 uur te Alkmaar waar het juist kermis was zo als ik hoorde. wij dachten hier te blijven liggen in deze oude Vaderlandsche Stad nog eens voor het laast te door wandelen, maar de Kapitein begreep het anders zoo dat wij doorgingen tot s’avonds 9 Uur. s’Maandags weder ten 4 uur voor de lijn gegaan zijnde, arriveerde wij ten 6 uur op deze onze tegenwoordige ligplaats van waar wij zoo de wind ons gunstig blijft, aanstaande donderdag, Zoo God wil ,in Zee zullen gaan. Wat de levensmanier aanbetreft bevalt mij uitmuntend daar wij brood, alhoewel tot nog toe roggenbrood dat zeer goed is. Verder krijgen wij dagelijks 3 ons spek en vleesch zoo veel als wij maar op kunnen en dan houd men nog over voor s’avonds. de eerste dag Zaterdag ontvingen roode kool met aardappelen, Zondag rijstesoep en aardappelen met vleesch en saus toe,  Maandag ertensoep met spek alles overheerlijk boter smeer je hier op je brood zoo dik als je sneedtje brood zelf en dan ken men dezelve nog niet op omdat wij nog geen gort krijgen doordien de boel nog niet geregeld is. ook krijgen wij leidsche kaas zoowat 1 keer in de veertien dagen. Dag dit genoeg, daar ik tog altijd spek of vleesch bij heb daar ik, al eet ik ‘s middag nog zoo veel, niet op ken. wat de Vriendschap aanbetreft die is patent. wij zijn met ons Achten aan een tafel alle vrijgezellen zijnde nog een timmerman twee schilders een zadelmaker een jong mensch voor de handel en ik en nog twee jongen die voor Winkelknecht er naar toe gaan alle naar de Kaapstad Zeer aardige menschen. Wij zijn de eerste dag voort overeengekomen om elkander bij de naam te noemen daar het Mijnheer spelen ons voort verveelde dewijl wij elkander verstonden dat dit tog geen titel voor kaapsche Ambagstlieden is Zoodat wij een vrolijk leven op Zee zullen hebben daar de Kapitein stuurlui en verdere equipage alle beste menschen zijn. de kapitein heeft voor mij mijn geld tegen Engelse geld opgewisseld daar ik aldan op de 10  ?? Gulden nog 3 stuiver opverdien.

En zeer Geliefde Vrouw en kinderen Ouders, Broeders en Zusters houd u maar goed. Zoo als ik het doe dan zal alles wel gaan daar ik zeeker ben aan de kaap werk te zullen krijgen.

Vergeet vooral niet uwe brieven, wanneer gij mij aan de kaap schrijft te frankeren daar zij ongefrankeerd niet verzonden worden En nu dierbare Vrouw en familie houd u goed ik wensch u alle hiermede een hartelijk Vaarwel leef alle gezond en gelukkig in vrede met elkander in de hoop van elkander aan de kaap weder te zien Waarde Vrouw kus de kinderen eens voor mij en vermaan hen goed te leren als ik tijd heb schrijf ik u nog een brief uit zee wanneer ik hem met de loods kan meegeven anders niet ??????? Vaarwel, Vaarwel.

Hiermede blijf ik met liefde en Achting  Uw liefhebbende Echtgenoot

                                    L Van Groningen

 NB

Vergeet niet uw groeten aan Mijnheer en Mejufvrouw Fruitier te doen en de  Procuratie te laten registreeren en die papieren van Jans te halen daar wij misschien dezelve nog nodig hebben

                    U alle Vaarwel! Vaarwel

 

 Deze brief is voorzien van een stempel Den Helder 20 4 1858

Nieuwe Diep den 22ste April 1858

Uit zee

Geliefde Vrouw

Hartelijk wenschende dat u en de famielle dezes in gezondheid moogt ontvangen. Zoo is dezes dienende om U te berigten dat  wij heden ochtend ten half acht uur in zee ben gegaan gesleept wordende door de Stoomboot Amsterdam, met een labber koeltje wenschende u en de geheele famielle een goede gezondheid. U en alle een hartelijk en laast Vaarwel toe te roepen hoopende dat wij allen in gezondheid mogen wederzien kus de Kinderen en alle Zusters voor mij schud Vader en alle broeders voor mij de hand terwijl ik dit schrijf begint de deining der Zee zoo dat wij al tamelijk op en neer hobbelen de Zee bevat een waarlijk verrukkelik gezigt op het ??????? hier van Bruinvissen die gedurig boven komen even als Jongen die duikelen en geliefde Vrouw en kinderen Ouders, Broeders en Zusters, ik wensch u bij deze een hartelijk vaarwel en langdurige gezondheid.

Blijven ik u liefhebbende echtgenoot

   L. van Groningen

Vaarwel, Vaarwel.

 

Uitzicht op Simonsbaai en Kaapstad.

 

 

 

 

Kaapstad den 15de julij 1858

Zeer Geliefde Vrouw en Kinderen, Ouders, Broeders en Zusters

Hartelijk wenschende dat het de Almagtige behagen moge Uw alle onder zijne genadige bescherming te nemen en U deze in gezondheid te doen ontvangen. Zoo heb ik het genoegen Uw te berigten dat wij behouden zijn aangekomen. Zoo als gij uit mijn laatste schrijven vernomen zal hebben Zijn wij den 22e April in Zee gegaan onder zeer  mooi weder weer stevige z.o. koelte die ons reeds den volgende avond in ‘t kanaal bragt den derden dag zaterdag 24e kregen wij een zeer harde bries en hooge Zee die het schip begon te slingeren zoodat wij alle zeeziek wierden. Uitgenomen de kinderen die van geen zeeziekte weten. dit duurde tot Maandag en kregen als toen zeer schoon weder Zeilende in de Spaansche zee hebbende volgende dag 28 schepen in ‘t gezigt. Maandag den 3e Mei kregen wij de Z.O. passaat met schoon weder.Woensdag 19de mei praaide wij een Engelsch en een Fransch schip zijnde het smoor heet dewijl wij de linie naderen. Zondag 1ste Pinksterdag hadden wij hevige regen met weinig wind zoodat wij genoodzaakt waren om beneden te blijven dit duurde tot de 3e junij hebbende een brik in gezigt nader  bijgekomen zijnde praaide wij en gij kunt ligt mijne gevoelens begrijpen toen ik hoorde en ook later zag, dat het de Brik de Dolfijn Kaptein randlig was, waarop W vanZuilen Stuurman op is. Ik heb hem op het Achterdek zien staan doch konde elkander niet beroepen dus weet ik niet of hij mij gezien heeft. De kapitein en stuurlieden wuifden met hunne hoeden tot vaarwel en tegen den avond waren wij hem uit gezigt. Verders ging alles naar wensch tot 23 Junij Als toen kregen wij een hevige storm het schip slingerde zoo geweldig dat niets op zijn plaats bleef maar alles door  elkander tolde daarbij een zee ter hoogte van 60 a 70 voet gij kunt uw geen denkbeeld maken van zulk een gezigt.

Dit duurde tot den volgende dag, als toen moesten wij bijleggen dat is met 3 kleine Zeiltjes op Gods genade met de Golven meedrijven dit duurde 2 dagen en kregen toen schoon weder hetgeen ons den gehelen verdere ten deel viel totdat wij behouden den 7 julij de Simonsbaai binnenliepen. Hiermede gebeurde een ongeluk naamelijk een loods aan boord gekregen hebbende en de roeijers van de boot een kruik jenever gekregen hebbende wilde een van de roeijers opstaan en had ongeluk van overboord te slaan in een oogenblik was hij met de stroom weggedreven doch hem nageroeid gevende wilde men hem grijpen, doch op het zelfden oogenblik pakte hem een haai die hier zeer veel zijn en verdween met hem in de diepte zoodat wij hem niet meer zagen.

Tegen 8 Uur ‘s avonds van den 7de lieten wij het anker vallen en wij wenschten elkander met onze behouden aankomst geluk hebbende als toen presies 77 dagen reis waarvan wij in 71 dagen niets anders dan lugt en water gezien hebben. Gij kunt dus ligt begrijpen met welk een genoegen wij dit aanschouden te meer daar hier niet tegenstaande het midde in de winter is alles even groen en heerlijk uitziet. Zelfs  de sinaasappelen aan de boomen welke men hier koopt zoo groot als een vuist, voor twee centen hollands. Wij reisden twee dagen later naar de Kaapstad af dat hier  6 uur vandaan ligt en wierden door eenige Heeren te paarde afgehaald en verwelkomd., die ons zeer hartelijk de hand schudden en ons in de stad op verversching onthaalde en ons verzekerde dat wij alle voor zeker naar wensch zouden slagen Waarin wij danook niet te lang gesteld wierden vermits ik reeds twee dagen daarna bij drie bazen aan het werk konde gaan doch gelijk gij wel denken kunt, gaf ik de voorkeur aan die waarbij de Heer Bartheze is zoodat wij nu op een winkel werken tegen 5 schilling of 3 gulden Daags Van s’ochtends 7 tot s’avonds 5 uur Ook heb ik hier een kosthuis gevonden hier moet ik alle weken negen guldens verteren om reden dat alles  sinds dien Engels indiesche oorlog zoo duur geworden is  anders was het veel goedkoper doch dit zal wel spoedig beteren zoodat ik naar wensch geslaagd ben.

Allerinniglijk wenschte ik nu maar Geliefde Vrouw en kinderen dat ik u bij mij had. Ik heb teffens het genoegen om U met de geboortedag van Hendrika te filisiteren kus haar en Philip eens voor mij, biddende dat het God den Heer behagen moge, dat ik Uw Geliefde Vrouw en Kinderen zelfs zoo spoedig mogelijk persoonlijk doen kan.

Groet ook Vader, Moeder, Broeders en Zusters, Vrienden enz. En verzeker hun van mijne hoogachting, hoopende hun zoo spoedig als ik het wel wenschte in dit heerlijk land te zien. Zij kunnen alle gerustelijk overkomen, vermits het voor alle vakken hier zeer goed is, uitgezonderd voor Kantoorklerken en Schoolmeesters daar deugt het in de Kaapstad niet voor. Alle andere kunnen altijd zoo veel verdienen dat zij al zijn zij bezwaard met een huishouden minstens tweemaal daags Vlees kunnen eeten en wel hun genoegen, daar men hier aardappen met groente toe eet slechts.

Thans Geliefde Vrouw en Kinderen en verdere bloedverwanten zal ik overgaan tot het beschrijven van de scheepskost en de gesteldheid van de Kaapstad. Ik moet kort zijn dewijl de brief anders te groot zoude worden en ik U ook nog niet veel hier van zeggen kan, dit zal ik voor een volgend bewaren.

Wij kregen 2 Maal in de week soep, 2 Maal Erten, 2 Maal boonen en eens aardappelen met stokvisch. Hierbij kregen wij om de anderen dag Vleesch of Spek, dat te zout is gelijk gij wel denken dan kregen wij volop boter, en ook een weinig leidsche kaas Ik hoopte wel waarde Vrouw, dat gij het met deze of genen Persoon konde schikken  die hier ook naar toe komt dat deze Uw zoolang het geld voorschot kunnende gewist verzekerd zijn van soliede terugbetaling des te eerder waaren wij bijeen. Wat den Heer Meerendonk aanbetreft hij kan gerust hier naa toekomen daar ik wel denk dat hij in de Breuksteen zo als hier het algemeen gebruik is Metselen kan hij kan zich hier vestigen als baas en is verzekerd ruim zijn bestaan te vinden. Wanneer gij deze ontvangt, Dierbare Vrouw en Kinderen, verders Broeders en Zusters, wees dan zoo goed om mij een lettertje te zenden daar ik, gelijk gij wel denken kan hartelijk naar verlang gij moet dezelve laten frankeren denk ik. Dit kunt gij op het Postkantoor hooren, anders blijven zij liggen.

En nu Waarde Vrouw zal ik Uw een goede raad geven die gij niet in de wind moet slaan dewijl dit u anders bitter berouwen zoudt, wanneer gij eenmaal de reis aanvaard vergeet dan niet wat Haring, Augurkjes Bessensap Rabarber en de mede te nemen dewijl dit uitmuntende Zaken op Zee zijn Zoowel tegen de ZeeZiekte als andere ongesteldheden.

Geloof mij, slaa mijn raad niet in de wind. Ik heb het thans bij ondervinding. Ook zoudt Uw stelling aanraden om wat witte Scheepsbeschuit mede te nemen voor Uw en de Kinderen dewijl de andere op den duur oneetbaar is. Neem wat veel mede voor in gort des ochtends en vraag of gij koffie aan boord krijgt daar wij niets van dit alles kregen, alleen wat slechte thee die niet om te drinken was.

Wat de stad aanbetreft,van deze kan ik alleenigljk zeggen dat zij mij bijzonder meevalt daar men hier zeer schoone kerken en enkele gebouwen aantreft niets is er in Amsterdam te koop of men kan het hier ook krijgen. Van het Geringste tot het Grootste, het een duurder het andere weer goedkooper dan bij ons. Bijvoorbeeld Laken is hier peperduur en toch ziet men het algemeen dragen daar de andere Stoffen niet duurder zijn als bij ons, doch de Laarzen en Schoenen kosten hier veel geld. Laarzen van 12 tot 18 Gulden  Schoenen van 8 tot 10 gulden  De straaten zijn hier niet geplaveid, zoodat men met droog weer in ‘t stof gehuld is, dewijl men het andere oogenblik wanneer er wat regen gevallen is, tot over de Enkels in de modder zakt.

En nu Zeer Geliefde Vrouw en Kinderen enz. moet ik Uw berigten dat het reizen hier duur is daar van de Simonstad naar de Kaapstad zijnde een afstand van 6 ½  Uur met inbegrip van Tollengeld, Logies in ‘t Logement, mijn bagage op een wagen met acht paarden in ? dagen tijd 3 pond 10 Schilling kwijt was, dat wil zeggen f 42 holland

Zoodat het dan ook goed is dat men hier voor slaagt. Niet tegenstaande dit alles, eet de minste ambachtsman hier stellig 2 maal daags vleesch zoodat het mijn inziens alhoewel men hier hard werken moet nog al om uit te houden is, daarbij een buitengewoon gezond klimaat, zoodat men zelden ziek is. De naamen der straaten zijn hier net als bij ons, zooals de Kerkstraat, de Oranjestraat enz. Men behoeft geen enkel woord Engelsch te kunnen spreken de wijl er van dertig duizend inwoners weinigen zijn die geen hollands kunnen spreken, maar hun hollandsch gelijkt veel naar dat, zooals de Franschen het spreken. Zeer rad.

Verder is het niet zoo Orthodox als men bij ons wel denkt daar ??????? ???????? ?????? ????????

Voor overige evenwel moet men zich in acht nemen dat men  ingetogen leeft. Des Zondags is het hier stil, niets is te koop, geen winkel is open hoe genaamd ook, zoodat men zich des ochtends ter kerke begeeft, vervolgens naar huis om te eten en vervolgens in de heerlijke omstreken van de Stad eene wandeling doet. Dit duurt tot s’avonds 7 ½ Uur wanneer men nog een weinige praat, en dan naar bed dewijl alles om 9 Uur gesloten is.

En nu Geliefde Waarde Vrouw en Kinderen, Ouders, Broeders, Zusters, Vrienden enz ik breek hier af met de pen maar niet met hart hoopende Geliefde Vrouw en Kinderen dat het Gods Almatigen wijs raadsbesluit moge zijn dat hij uw spoedig die paar duizend uurtjes die ons thans van Elkander  scheidt tot niets mag doen geworden en spoedig de dag aanbreken doedt dat ik mij aan Uwe en der kinderen borst mag werpen. Dat het zijn Genadige goedheid ook behagen moge om Uw waarde Ouders, Broeders, Zusters, Vriend Meerendonk en Echtgen. Als ook Uw waarde vriend Fruitier en Echtgenoot hier in ‘t Zuidelijk halfrond te verwelkomen.

Alzoo biddende, hoopende, verlangende, verwachtende Geliefde vrouw en Kinderen Blijf ik met liefde en achting Uw Echtgenoot en Vader

                                                                             Lambert Van Groningen

 

 

Kaapstad den 18de November 1858

Zeer Geliefde Vrouw en Kinderen, 

Ouders, Broeders, Zusters en verder Bekenden.

Uw geachte Brief dato 2e September is mij den 20ste October ter hand gesteld. Geliefde Vrouw en kinderen enz. gij kunt ligtelijk beseffen met welk een vreugde en innig genoegen ik dezelve las, daar dit het eerste teken en eerste tijding van Uw was na zoo veel weken scheidens, te meer Geliefde, daar ik er uit vernam dat Uwlieden, Gode Zij dank, nog alle door zijne genade en goedertierenheid, gezond waart. Uitgenomen Geliefde Vrouw, onze lieve Philip die nog altijd aan die ellendige Koorts sukkelt en Moeder gelijk ik niet anders wachtende was met dat ongelukkig lot, dat deze goede Vrouw is ten deel geworden.

Doch laat ons niet morren want hetgeen de mensch Gelooft en denkt dat zijn ongelijk is, is juist Gods ondoorgrondelijke en voor ons onbegrijpelijke wijsheid. Mogelijke, tot ons welzijn daargesteld. Want het is beter waarde Moeder hier, dan hiernamaals te lijden dus wees getroost en welgemoed altijd voor ogen houdende hoeveel onze Heer Jezus onschuldig voor ons schuldige geleden heeft.

Wat mij aanbetreft Geliefde Vrouw en kinderen, ik heb sinds het oogenblik, dat ik uw en verdere dierbare betrekkingen verlaten heb ook veel geleden heb met ziekte aan boord was ik nooit regt gezond met storm en nu ik hier ben, God hierboven weet, hoeveel zuchten of ik naa ons laaste afscheid op die Steiger bij de Kalkmarkt, al geslaakt heeft. Hem de Alwijze, weet hoeveel ik er geslaakt heb,  sinds ik hier voet aan wal gezet heb. Maar dit is immers d’Algoede zijn wijze bestiering, dies laat ons niet morren en ons daardoor bezondigen want wij zijn Zondaars genoeg. Wat het aangaat thans mijne gezondheid, Dierbaare Echtgenoote die laat niets te wenschen over, in dit heerlijke Klimaat. Ja heerlijk klimaat zeg ik, dit is het, wel veel warmer als bij ons maar ook veel gezonder, want op dit oogenblik, dat ik Uw dit zit te schrijven zweet ik, niettegenstaande dat ik slechs gekleed ben in een wit Engelsch overhemd over mijn blote lijf, een dun broekje aan, zonder kousen en een bruine castoren ronde hoed, met breede rand op het hoofd. Geliefde Vrouw dit is hier de algemeene drag. Uw heeft mij gevraagt of ik voor hetzelfde geld ook stoppen en naaijen heeft, wat het stoppen aanbetreft dit gaat hier op zijn Fransch, Pap?? gij weet wel wat dit zeggen wil, namelijk men draagt ze zoolang dat er geen heel meer aan is, en dan gooit men ze weg. Zoo is het met het naaijen insgeslijks. Zij kunnen het wel, maar dit volk is te lui, zoowel mannen als vrouwen. Men noemt hier elkander nooit anders dan Mijnheer, of Mejufvrouw, de Vrouw van een Timmermansknecht gaat hier een Hoed met fouale, een Japon met 4 a 5 laag Strooken, wijde Mouwen, en een Parasol in de hand dit is algemeen. Een timmermansknecht met een rotting in de hand, de kinderen noemen de Ouders nooit anders dan Papa of Mama, zoodat gij hier een aardig figuur zoude maken geliefde Vrouw en Zusters met uwe Jakjes, stijf gestreken mutsjes enz men keek uw hier met Nek aan, die Slonzen in het huishouden zijn zij niets waard maar dit ligt in de reden, want Mobilair bestaat hier weinig. Uw gordijnen kunt gij gerust verkoopen want dat is hier geen gebruik, wegens de warmte, verder heeft men niets anders als een tafel, eenige stoelen en een linnenkastje Van nul en gener waarde maar dit is hier ontzaggelijk duur het eenigste waar men mee pronkt is het bed. dit is dan ook van een jong paar bezienswaardig om reden dat dit hier ook zeer duur is. ik zoude uw aanraden om een paar ijzeren ledikanten mede te brengen als gij het doen kunt. van bedstede weet men hier niet van, die zijn te warm en anders zullen wij ons wel zoolang op de grond behelpen dat ik er een paar gemaakt heeft, over de koude zal uw niet klagen heb daar maar geen vrees voor.

Ook zoude ik uw raden om niet te veel meubels mede te brengen, bijvoorbeeld als gij het doen kunt, het kabinet voornamelijk, dit vult een kamer en dan uw ladetafel, die kleine inschuiftafel en stoelen, een spiegel en die schilderijtjes. Ziedaar ons Ansemblement. Uw winterkleederen kunt gij gerust verkoopen even gelijk van de kinderen, maar ik zoude Uw beminde Vrouw en Kinderen aanraden om voor de zeereis iets ouds te houden, vermits het op zee dikwes zeer koud kan zijn. Ik zal hier meer van schrijven in een Brief welke ik aan Gilles geadresseerd heb, welke hij Uw zeker ook wel zal laten lezen.

Geliefde Vrouw uit uw geeerden brief heb ik vernoomen dat gij gaarne eenig geld zoudt willen hebben. Dit kan ik zeer goed nagaan. Ook heb ik vernomen dat gij bij Vader en Moeder in huis zijt gegaan.dit doet mij een groot genoegen daar ik nu gerust ben dat gij van dat gespuis en dieventuig ontslagen bent.  Waarover ik altijd heb gedacht. Wat het sturen van geld aanbetreft zeer Geliefde en beminde Vrouw, dit is, God weet het, thans mij een onmogelijke Zaak. Niet dat ik geen ruime verdienste heb gehad maar de reden is deze. Kort nadat gij mijn eerste brief ontvangen heeft ben ik met den Heer Bartheze en nog een reisgenoot in Compagnieschap getreden als toen konden wij dadelijk zoo veel werk krijgen als wij wilden.

Dit ging vrij goed, maar wat gebeurt er, wij zijn eenige weken aan het werk , en daar nog overvloed van hebbende begonnen die heeren het in hoofd te krijgen om naar buiten te gaan, dewijl zij zeer spoedig rijk willen wezen. Goed kort daarop raken zij dan ook in kennis met een baas uit Prins Albert, die hier een goed aanbod naar hun zin deed, en zij namen het aan.

Nu zat ik met het mes in de buik had Wij contrak geteekend dan hadden zij het mij niet gelapt, maar wie zou dat denken. Van zoo goede bekende als den Heer Bartheze was voor mij. Enfin ik kon er natuurlijk niets aan doen. En zoo was ik verpligt om het werk dat alles uit groot werk was.hetgeen ik niet alleen doen kon, aan een ander met verlies over te geven, daarbij kwam op het zelde oogenblik een bankroetje. Want men heeft hier ook schurken en zoo goed als in Holland en Geliefde Echtgenoot, ik was in eens een ridder te voet. Geen geld in kas. Schuld die natuurlijk betaald moet worden en die ik heden nog niet te boven ben. Ziedaar het Saldo van zooveel weken werkens. Ik zal zoolang baas blijven als mij maar eenigzins mogelijk is daar als ik het geluk heb een paar knechts te kunnen krijgen dan ben ik er glad boven op. Zoo niet dan word ik knecht en ik verdien dan toch altijd. Geliefde Vrouw en kinderen ruimer mijn brood dan in holland. Ik zeg brood, Geliefde, men eet hier meer Vleesch dan brood. Ach konde ik Uw Innig Geliefde het mededeelen, wij alle hadden er genoeg aan. Want men leeft hier onbezorgd. Zoodat als men geen zuinige Vrouw heeft, men even en dezelfde blijft, maar men geniet dan ook het vette der aarde even zoo goed als de rijkste. Gelijk uw lezen zal uit de Brief van Gilles.

Wat den Heer Meerendonk aanbetreft, het is aan zijde goed dat die er geen zin heeft, want de Roomsche en de Scholtiaanen daar zijn ze hier gansch niet opgesteld. Deze noemt men hier kloppers of bijbelverdraaijers. Evenwel moet men zich danig in acht nemen, dat men zich niet in het een of ander te buiten gaat, want dan krijgt men geen slag werk meer.

Wanneer gij geliefde Vrouw en kinderen hier na toe komt wees dan zoo goed en breng mij als gij het doen kunt mijn zwarte lakensche broek, vest en als het wezen kan een nieuwe rok mede, ik zal het uw later dubbel vergoeden.

Wanneer de Heer Hardis hier na toekomt, laat hij dan een goeden vooraad van tabak en cigaren mede brengen want die is hier vervloekt duur en slecht. Alsook een paar goede geweren met dubbele loop en een kogelgieter daarbij. De geweermaker weet wel wat dit is. Ik kan hem gerust verzekeren dat als hij hier aankomt en mij er kennis van geeft, dat hij dit een en ander vrij van alle lasten aan wal krijgt, vermits ik daar zonder twijfel de weg op weet, als doende ik dan aanvraag aan de Magisstraat. Wees ook zoo goed, om nog eenige Zaagvijlen mede te brengen, van de Leidschestraat, want zij zijn hier meer dan eens zoo duur en heb er eens zoo veel nodig omdat men hier veel harder hout moet verwerken als bij ons zoodat het gereedschap veel spoediger bot is. Breng ook nog wat van die lange potlooden mede.

Zie dat gij Geliefde Vrouw van deze of geene hiervoor geholpen wordt, zullende ik op mijn woord van Eer hem het alles dubbel vergoeden.

Ach Geliefde, wij hadden voor een jaar of zes met ons Geld hier na toe moeten gaan dan weet ik zeker dat wij nu binnen waren geweest. Wanneer ik op dit oogenblik nog geld had, dan weet ik nog zeer veel geld te verdienen, maar juist dit ontbreekt mij.

En nu terzake van de f 120-. of zoo als ik nu ziet Zeg van de tien pound want dit staat gelijk voort na mijn aankomst alhier hoorde ik er ook al van en toen heb ik er onderzoek na gedaan maar het was mis. Nu gij er mij over schrijft ben ik naar de Magisstraat geweest en heb er verder naar geinformeerd. Zoodat ik nu aanvraag voor uw Geliefde Vrouw en kinderen, als ook voor mijn Waarde Broeders Gilles en Bart Gedaan heb. Wat deze aanbetreft zij behoeven er op dit oogenblik niet aan te denken vermits zij met te veel jonge kinderen bezwaard zijn mogelijk dat ik het later wel gedaan krijg  wanneer mijn naam hier meer gevestigd is daar ik nog al hoop op heb vermits ik nu al zoo veel hout kan op crediet als ik wil en wel voor onbepaalde tijd. Waren hunne kinderen alle zoo oud of ten minste de jongste er van als onze liefe Phillip dan deed het Goevernement het gaarne maar nu worden zij niet onder de Emigranten gerekend, dus zal ik later hierover schrijven zoodra ik er nog meer van weet.

Wat Uw aangaat, Geliefde Vrouw en Kinderen, ik heb bij deze het genoegen Uw te melden dat ik het voor Uw wel gedaan krijg alsook voor den Heer Harder omdat die vrijpersoon is. die hebben ze hier het liefst. Zoo als ik Zeg ik zal het voor Uw wel gedaan krijgen maar men moet hier de verklaring afleggen dat men in de Engelsche kolonie blijft. dat wil zeggen dat men niet naar de Oranje Vrijstaat of de Transvaalsche Republiek vertrekt, want dan behoeft het in ‘t geheel niet. Enfin daar heb ik dan ook geen oogenblik in geaarzeld Want in de oranje Vrijstaat en de Republiek is men tegenwoordig zijn leven niet zeker. het wemelt daar van Kaffers, die alles wegstelen, wat zij maar kunnnen en al verscheidene Boeren arm gemaakt hebben door het stelen van zijn vee, en het verbranden van huis en goed. zoodat het daar in ‘t geheel niet frisch is.

 Innig Geliefde Vrouw, gij moet voor de Kinderen geen kouzen mede brengen want die zijn hier te warm maar van die sokjes zooals gij ze in Amsterdam bij sommige groote wel gezien heb.

En nu Geliefde doe mijne Complimenten aan den Heer Fruitier en Echtgenoote, aan den Heer Harder welke, wanneer hij zin heeft om hier naatoe te komen mij precies zijn naam, Ouderdom en Woonplaats opgeeft. dan kan ik aanvraag voor hem doen doet ook aan Mejufvrouw Strake, alsmede aan V????? en verdere bekenden, mijn Complimenten.

Welke ik alle veel Zegen en voorspoed, in dit pas begonnen Jaar wensch. Gevende dat het God behage Moge hun alle te Zegenen.

Ook Uw Zeer Geliefde Vrouw en Kinderen, Ouders, Broeders, Zusters en verdere Bloedverwanten Uw alle Wensch ik uit de grond van mijn hart en met  een opregt gemoed, dat het God den Heer behage moge Uw alle met de aanvang van dit Nieuwe Jaar, Uw alle Zeg ik, geliefde onder zijn heilige bescherming moge nemen. Gevende dat Hij, de Heer der Heerscharen. De Koning aller Koningen. De Vader der Weduwen en wezen onzer aller God en regter het behage moge dat wij ons geliefde elkander nog eens op deze aarde wederzien. Dat hij ook geve Geliefde Echtgenoote en dierbaare kinderen dat ik Uw spoedig aan mijn hart moge drukken. Hierin berustende en op hem vertrouwende die voor ons gestorven is wensch ik Uw alle heil en Zegen op deze Aarde en het Eeuwige leven hiernamaals, Amen.

Wanneer gij hier natoe moogt komen, vergeet dan De papieren van Tante Jans niet, vergeet ook niet Procuratie te geven voor die Zaak van Iterson Want daar moet toch iets van te regt komen. Gij zult wel niet veel geld mede brengen gelijk ik wel denken kan, maar al is het nog zoo weinig Wissel het op in Engelsch geld daar men hier Geen hollandsch kan kwijt wordenGeliefde Vrouw en kinderen. Ik zoude gaarne hebben dat gij als Vrouw de reis niet alleen deed waarvan het mij groot genoegen zoude doen als de Heer Harder of een andere goede kennis met Uw mede kwaamt Zoodat wanneer de Harders er nog toe genegen is gij mij dan met de Eerste Mail zijn naam enz opgeeft. Het is beter dat gij dan een Maand later hier komt, als alleen daar gij met het Permit Zes Maanden tijd heeft Zijnde het later van geener waarde. Teffens moet ik Uw ook melde Geliefden, dat ik dit oogenblik geen geld kan krijgen van wege de slechte tijd alhier Veroorzaakt door die Ziekte.

Dus Geliefden wanneer gij in Amsterdam niet Iemand weet op dit oogenblik die Uw het bedrag wil leenen Zoo meld het mij dan met de eerste Mail die het Uw leent kan gerust verzekerd zijn dat hij dit terug krijgt daar gij zoodra gij aan wal zijt gestapt Voor Uw en de kinderen gezamentlijk Twee honderd en Veertig Gulden terug krijgt en dat ik dan ook verzekerd ervan het tekort komende in kas te hebben ??? het te kunnen krijgen dus meld mij het een of ander  Gij kunt ligt begrijpen Geliefde Vrouw en Kinderen, Ouders, Broeders en Zusters, dat als ik geld had op dit oogenblik, dat ik Uw zeker deze brieven gefrankeerd en dat ik Uw aarde Papa en Broeders een Staaltje van de Wijn gestuurd zou hebben om bij de aanvang van dit Jaar eens een pleizirige avond te hebben maar dit is nu niet anders dus op een andere tijd. Gelieve hiermede genoegen te  nemen. Enz

Geliefde Vrouw ik ben niet in staat om uw het Permit met deze Mail over te zenden dewijl de Goeverneur het nog niet geteekend heeft en morgen de Mail van hier vertrekt, zoodat ik heden mijne brieven sluiten moet uit vrees van te laat te komen op het Kantoor, dewijl zij dan tot de volgende Mail hier zoude blijven liggen Maar ik zal het Uw met de volgende zenden Schrijf mij dus als gij kunt per omgaande Mail zoodat Uws brief aldan uiterlijk den 4de van elke Maand in Engeland moeten zijn daar kunt gij dan meteen in schrijven of de Heer Harder node komt of niet, dan kan ik aanvraag voor hem doen.

En nu geliefde en beminde Vrouw en Kinderen enz. houd maar goede moed want het wordt god dank al beter met de ziekte en dus ook met werk

Blijvende ik uw Liefhebbende Echtgenoot en Vader

                              Lambert  Van Groningen

 

 

Kaapstad den 18e December 1858.

Zeer Geliefde Vrouw en kinderen,

Ouders, Broeders en Zusters en Verdere bekenden

Hartelijk wenschende dat Uw alle dezes in gezondheid moogt ontvangen. Zoo is deze dienende om uw op mijn brieven dato 18 November verder in te ligten ten eerste Geliefde Vrouw moet gij mij verontschuldigen dat ik Uw zoo laat filisiteer met de geboortedag van onze lieve Phillip alsmede alle die in die tijd ook dezelve gevierde hebben welke datums ik onmogelijk kan onthouden hoopende en wenschende dat het de Heer behage moge dat Uw lieden dezelve nog vele jaren vieren mag. gij zult wel kunnen begrijpen Geliefde, dat nadat gij mijne vorige brieven gelezen heb, dat ik veel zaken aan mijn hoofd heb. Vermits ik nu maar zien moet hoe ik er komt doch gelijk gij weet, gij alle Geliefde, laat ik niet spoedig de moed zakken en ken ik nog al overal tegen, dus treurt niet en wees goedsmoedig want al moet ik nu op dit oogenblik nog voor mijn schuld werken zoo ga ik toch niet meer achteruit en hoop Uw over eenige tijd te ondersteunen daar ik nog altijd baas ben en blijf daar de vooruitzigten schoon zijn, hebbende ik op dit oogenblik voor vijfhonderd guldens werk aangenomen. had ik maar wat contant geld, dat ik geregeld een paar knechts konde betalen dan was ik er glad boven op, want dan kon ik nog veel meer werk krijgen hetwelk ik nu niet kan aanvaarden vermits ik maar alleen met een Zwarte jongen werk, die twee Schillings in de  week, of ?? stuivers hollands verdient dan moet ik Vijftien Schillings of Negen Guldens in de Maand voor mijn werkplaats betalen en gij weet Geliefde een maand is spoedig om en dan moeten de duiten er maar wezen of bij wanbetaling gaat men Zoo als men dit hier noemt in de tronk.

En mij Geliefd Vrouw en kinderen ter Zake van het Permit. Zooals ik Uw laastlijk geschreven heb Zoo zult gij daaruit vernomen hebben dat ik hetzelve bij het vertrek van de Mail nog niet ontvangen had en zoo is het ook.  de reden hiervan is deze. Ik moest nog eens voor de Magistraat om te verklaren Komen, dat ik hier blijven zoude en in geval dat ik dit deed, Zijne Exzelentie de Goeverneur een Uitzondering met mij zoude maken en ik alle aanvragen, die ik slechts deed zoude goedgekeurd worden, hetwelk ik, gelijk gij denken kunt, zonder aarzelen aannam. Zoodat mijn Waarde Broeders en Zusters ook op dit zelfde papier dat in ‘t Engelsch geschreven is, kunnen overkomen zoodat gij alle, wanneer gij hieraan komt, voor ieder groot persoon. Een honderd en twintig Gulden terug krijgt, en voor ieder Kind of Kindtje de helft.

Ik heb dit papier in het hollands laten vertalen hetwelk ik uw geliefden daarbij overzend opdat gij het zoudt kunnen lezen. dit Stuk is goed voor Zes Maanden te rekenen van de dag van uw vertrek Uit Holland De reden waarvan ik dit toch door lang aanhouden papier voor ons alle verkregen heb, is daaraan toe te schrijven omdat ik van de Magistraat Zijn Vader mijn Werkplaats gehuurd heeft en ik ook voor hem werk, zoo dat ik hem bijna dagelijks spreekt vermits hij naast de winkel woont. ware dit niet het geval geweest, dan had ik het stellig niet gedaan gekregen, omdat er zooveel Jonge Kinderen bij zijn Zoodat ik Uw aanraad Waarde Broeders om niet alle gelijk te komen maar bijvoorbeeld mijne Vrouw en Kinderen alsmede Gilles en Vrouw en Kinderen en Bart en Vrouw en Kinderen kunnende ik dan later ook voor Frits?? en Vrouw en kinderen en ook voor Jan en Zijn Vrouw en Kinderen as die man Zin heeft aanvraag doen.

En nu Geliefde Vrouw en Kinderen, als ook Uw Waarde Broeders en Zusters nu is mijn wensch slechts, dat gij alle spoedig en frisch en gezond hier in dit heerlijk Klimaat bij mij mag zijn Ik Zeg Spoedig Geliefde Vrouw. Ja en dit meen ik ook, gelijk gij wel denken kunt, daar ik lekker ding, tamelijk Ambietie krijg, Vermits ik hier goed voer en warme Stal heb Zoodat ik nog nooit Zoo vet ben geweest en het hoogst noodzakelijk wordt dat mij bloed een beetje verdund wordt. Maar lekkere pop, alle gekheid op een stokje ik dacht daar te veel aan Uw Poesje en ik zou noodzakelijke dingen vergeten.

Vooreerst Innig Geliefde Vrouw en Kinderen moet ik Uw verwijzen naar mijn allereerste brief die gij toch wel bewaart zal hebben om daaruit te Zien wat gij voor Uw gezondheid aan boord nodig heeft. ten tweede naar mijn laaste waaruit gij zien kunt Wat gij dient, als gij kunt mede te brengen het een en ander. Zal ik uit Uw schrijven, op mijn antwoord van deze Voorgaande brieven wel Vernemen Zoo dat ik er alsdan geheel naar handelen kan en het Uw alle Geliefde doen weten. Het Staat geheel aan Uw Geliefde om met welk Schip te vertrekken maar ik raad Uw Zie goed toe, dat het Schip voor Passagiers ingerigt is. Want wij hebben het in die opzigt beroerd slecht gehad. Wees ook vooral voorzigtig voor de overslaande Zeeën want die nemen somtijds alles mede wat op het dek is. Edoch moet gij Zooveel mogelijk op het dek blijven, want dit is zeer gezond.

En nu Geliefden hoopende dat ik Uw Spoedig aan mijn hart moge drukken. Zoo geve  de Heer hierop Zijn Zegen en doe Uw alle een gelukkig en Voorspoedige overtogt geworden.

Alzoo Geliefde Echtgenoot en Kinderen ook Uw Geliefde Ouders, Broeders en Zusters en verdere Bekenden lever ik aan de genade over van Hem, die boven ons is en die regeert over dood en leven. Vaarwel.

Hiermede afbrekende met de Pen maar niet met het hart. Zoo noem ik mij

        Uw Liefhebbende Echtgenoot en Vader 

                                                L van Groningen

 

                                                                                                                                             home | 1859